Bleekvelden

21 oktober 2025

De geschiedenis van blekerijen in Nederland gaat terug tot de middeleeuwen en bloeide in de 17e eeuw, ook rond Delft. Wat is een blekerij, waar stonden deze en waar zijn ze gebleven? Daar ga ik nu op in.

Bleekvelden

Rondom Delft waren tot in de 19e eeuw veel bleekvelden te vinden, zo ook in de Voordijkshoornse polder en met name in het gebied dat we kennen als Hof van Delft.

Al op de Kaart Figuratief uit 1678 (een plattegrond waarin de stad in vogelvluchtperspectief staat afgebeeld) zijn bleekvelden ingetekend. Deze bleekvelden waren ook te vinden in het huidige Westerkwartier, achter de Scheepsmakerij, bij de Oostpoort (buiten de stad) en aan de Oostsingel (ruwweg t.h.v. de Fabritiusstraat).

De totale omvang van deze bleekvelden was groot te noemen. Als je naar het plaatje boven deze blog kijkt snap je direct waarom. Alle kleding en linnen werd zo breed en glad mogelijk uitgelegd. Naast weilanden om wasgoed uit te leggen, moest er nog een essentieel onderdeel in de directe omgeving aanwezig zijn: sloten. Water moest aan- en afgevoerd worden. De sloten waren in overvloed aanwezig. 

Een van de eerste blekerijen is te vinden in een verpondingskohier (een schrift waarin de belasting op onroerende goederen werd bijgehouden) uit 1584. Bleker Claes Engebrechtszn. (in die tijd waren achternamen nog niet gebruikelijk) was de huurder van een bleekveld waarop hij ook woonde. Dit stuk grond pachtte hij overigens van het Sint-Agathaklooster. Het klooster bezat in die tijd veel percelen ‘net buiten de Schoolpoort’ die zij verpachten aan blekers en boeren.

Kaart figuratief

Kadastrale Minuut

De Nederlandse kadastrale kaarten dateren uit de periode 1812-1832. De oudste en meest complete versie van deze registratie is de Kadastrale Minuut van 1832, die percelen en gebouwen in kaart bracht en de bezitters registreerde om een eerlijke belastingheffing mogelijk te maken.

In het gebied in de Hof van Delft tussen de Paxlaan en de Laan van Overvest lagen de meeste bleekvelden. Allemaal vrij dicht achter de Spoorsingel. Om de aan- en afvoerlijnen van wasgoed kort te houden, vestigde een bleker zich het liefst vlak buiten de stadsmuren. Maar dat wilden meer mensen, bijvoorbeeld warmoezeniers en boomgaardeniers, die hun groenten en fruit zo vers mogelijk moesten verkopen. Hoe dichter bij de stad, hoe duurder de grond.

In die periode waren er drie blekers en twee blekeressen in Hof van Delft actief die tezamen vierenveertig percelen in het bezit hadden waarvan veertien bleekvelden.

Blekerij

Een blekerij was een bedrijf voor het reinigen en wit maken van textiel, met name linnen, door het uit te spreiden op bleekvelden en te laten bleken door zonlicht en water. 

Blekerij ‘De Blauwe Haan’ aan de Spoorsingel, rond 1860 (foto Stadsarchief Delft)

Een blekerij waste stoffen en zorgde ervoor dat ze helder wit bleven, zodat ze er schoon uitzagen. Een bleker legde de lappen stof op grote grasvelden. Om de velden lopen kleine slootjes. Daaruit haalt de bleker wat water en dat sprenkelt hij over de stof. De zon zorgde ervoor dat de stoffen drogen en witter worden. Een bleker werkte dus vooral in de zomer. Een van de laatste behandelingen was het zogeheten ‘blauwen’ met blauwsel. Hierdoor kreeg het linnen of garen nog een extra witte kleur.

Het runnen van een blekerij is niet makkelijk. Je hebt een groot stuk grond nodig (het wasgoed moest vlak liggen om vouwen te voorkomen) en dat is duur. Daarnaast kun je niet altijd goed werk doen, bijvoorbeeld als de zon niet door de wolken komt. Ook de organisatie en administratie van het bedrijf is geen sinecure. Een bleker heeft soms honderden klanten bij wie hij en zijn knechts wasgoed moeten halen en brengen. Hij moet bovendien goed bijhouden voor wie hij hoeveel werk heeft verricht, zodat hij van tijd tot tijd kon afrekenen. Uit boedelinventarissen van blekers, overgeleverd in het notarieel archief, bleek dat er vaak goed geld werd verdiend, maar dat er soms ook forse vorderingen uitstonden. Een bleker moest dus financieel tegen een stootje kunnen, al was het maar omdat de zon niet altijd schijnt.

Bleekvelden moesten om hygiënische redenen bewaakt worden zodat er geen dieren op de grasvelden kwamen of vuil op het wasgoed terecht kwam. Bij regen moest het wasgoed ook snel binnengehaald of afgedekt worden.

De tekening boven deze blog komt uit 1826 en is getekend door Balthasar Joosz. De tekening geeft nog een goed beeld van een blekerij. Deze is getekend ten westen van Delft, waarschijnlijk in Hof van Delft.

Bleekproces
Bleekproces

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte!

Abonneer je op de maandelijkse nieuwsbrief en blijf op de hoogte van wat deze krasse knar meemaakt.

Dit veld is vereist.

5 Comments

  • Gerrie Middelkoop 21 oktober 2025 at 19:01

    Jij hebt weer een behoorlijke portie huiswerk gemaakt om je volgers zo’n leerzaam artikel te kunnen aanbieden.
    En wat een prachtige foto!

    Reply
    • Piet 23 oktober 2025 at 07:18

      Bedankt Gerrie, en in het stadsarchief zijn inderdaad pareltjes te vinden van tekeningen en foto’s!

      Reply
  • Gerrie Middelkoop 21 oktober 2025 at 19:03

    Jij hebt weer een behoorlijke portie huiswerk gemaakt om je volgers zo’n leerzaam artikel te kunnen aanbieden Piet, mooi geschreven. En wat een prachtige foto.

    Reply
  • Cora 21 oktober 2025 at 20:08

    Heel interessant

    Reply
    • Piet 23 oktober 2025 at 07:20

      Leuk te horen Cora, mijn ‘historisch onderzoek’ over de voormalige gemeente Hof van Delft heeft mij nog veel meer interessante informatie opgeleverd!

      Reply

    Leave a Reply

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.